Verhaal

4. Taxichauffeur en Assistent-Verkoop

Herinneringen eind jaren '40 begin '50

Reparatie vrachtwagen van Wieger Akse 

Ik voelde mij heel gauw thuis bij garage Kip en deed inmiddels allerlei reparaties, waarbij ik zo af en toe aan anderen vroeg: “Vertel even, hoe gaat dit en hoe gaat dat?
Tijdens reparatie aan een G.M.C. vrachtwagen van Piet Steenbergen, waar Wieger Akse chauffeur op waskwam ik tot mijn stomme verbazing mijn gereedschap uit mijn Kalsbeek- en Heijnekamptijd tegen. Waar ik notabene altijd zo zuinig op was en wat ik met de nodige emotie keurig netjes schoon bij Heijnekamp had ingeleverd, lag hier vies smerig half verroest voor oud vuil bij Wieger achter de zitting. Wieger was nog net even voor het definitief sluiten van de garage bij Heijnekamp geweest en had gedacht: dat gereedschap past mij wel. Ik vond het heel even een zeer pijnlijk moment om te moeten aanschouwen hoe "mijn" gereedschap daar tussen allerlei andere troep lag.  
En dan dit nog: als er buiten Heijnekamp iemand was die recht op dat gereedschap zou hebben, zou ik dat moeten zijn, vond ik. En of het nu terecht was of niet, maar vanaf die tijd had ik het niet zo op Wieger.

Ford Fairlane 4d black 2

Taxiritten in de Ford Fairline 

Teun de Gooijer, de taxi chauffeur hij droeg altijd een keurig net uniform met bijbehorende petwas een rustige, correcte, vriendelijke man. Wanneer het druk was, vroeg hij mij of ik wel eens een taxirit wilde doen. Ik wil alles doen, zolang ik er maar schik in heb en Roelof Bos onze chef het goed vind,” vertelde ik Teun. 
Annie van Veen van kantoor had een andere baan en Geke Scholing nam haar plaats in. Geke was veel jonger dan Annie. Ik denk dat zij zo van de Mulo kwam. Zij was een heel aardig, vrolijk meisje en ik denk dat ik af en toe stiekem een beetje verliefd op haar was. 
Als Geke in de deuropening van het kantoor riep: Bart ... taxi!”, dan riep ik: “Jhoo!,” wat zoiets zou moeten betekenen alsoké ik kom! Ik ging dan snel naar het waslokaal mijn handen wassen, overall uit, even in de spiegel kijken of ik geen zwarte veeg aan mijn gezicht had en hup in de grote Ford Fairline.  
Geke had meestal een briefje met adres enz. naast mij op de zitting gelegd, wat ze dikwijls ook nog even mondeling toelichtte. Het was in de tijd dat de Molukkers pas in Nederland waren. Op donderdagmarktdagmoest ik soms "meestal" vrouwen uit Mantinge halen en naar de markt brengen en later weer terug. 
Na zo’n rit had ik altijd veel te vertellen over wat ik allemaal had meegemaakt.  
Al gauw bleef het niet bij een enkele taxirit en moest ik mee rijden in begrafenisstoeten maar ook tijdens trouwerijen. 
Teun reed uiteraard het bruidspaar en ik meestal daar achter. Teun zei dan: “Zodra het bruidspaar is uitgestapt, rij ik gauw iets verder naar voren en neem jij dat plekje in. Dan doe ik de portieren voor jou open, om de passagiers uit te laten stappen, dan kun jij achter het stuur blijven zitten. Ik had immers van die vetleren klompen aan, die hoefde iedereen niet te zien.  

Assistent Verkoop 

Bart, er komen straks een boer en zijn zoon voor dat Taunusje wat daar staat. Wil jij die even opvangen? Vraag maar 2000 gulden, zei Kip. Even later, ja daar kwamen vader en zoon aan. Ik begroette ze en vroeg of ik iets voor hun kon doen. Jaa  ..... dat zit zoo .... wij komen eigenlijk veur een Taunus, was het antwoord. Oh ja, doar weet ik alles van, loop moar mit aj wilt. Kiek, dit is em, keurig nette auto, eerste eigenaar, altied goed onderhouden,vertelde ik. Wacht heel eem, dan drukken wij hem van de muur of, dan kuj er rond um heen lopen. Bekiekt hem eerst maar eens goed dan goan wij er straks mit rieden, zei ik. Wat muttie kosten?” vroeg vader. Wat is de bedoeling, wil ie ófdingn, of zullen wij de pries in één keer zeggen, vroeg ik. Ik hol het op het leste, zeg het moar in één keer, zei pa. Wij maakt er rond 2000 gulden van, dat is een heel nette pries, zei ik, maar ik keek op het zelfde moment heel even richting de glazen kantoor deur van waar achter ik Kip verwachtte. 
Kip ontving mijn blik en kwam met grote stappen, zoals gewoonlijk met z’n handen in elkaar, naar ons toe.  
Op enige afstand begon hij: “En heren, is dat geen mooie automobiel voor 3000 gulden?Ooh ...... die monteur die loat hem ons net veur 2000, was het weerwoord van de vader. Is dat waar Bart???”, vroeg Kip mij, waarbij hij mij streng probeerde aan te kijken. Ja .... inderdaad dat is waar, ik heb hem voor 2000 gulden gelaten,” was mijn antwoord. "Oké," zei Kip, "dan krieg ie hem veur 2000, maar Bart, mit oe moet ik straks nog even praten."  
Voordat vader en zoon met Kip mee liepen naar kantoor voor een handtekening en een kop koffie, glimlachte Kip met een knipoog naar mij.  

Verhaal 5