Verhaal

Kappersstoeltje Hemstede

Veel van de oudere Hoogeveners en klanten van de kapperszaak Hemstede aan de Hoofdstraat zullen deze stoel nog kunnen herinneren.

kappersstoeltje
Met een grote zwaai werd je in de stoel gezet voor de spiegel. Daarna werd de stoel omhoog gedraaid, waardoor je het gevoel van een draaimolen kreeg. Een mooie cape werd omgeslagen en je werd gevraagd hoe het geknipt moest worden. Daarna begon het eigenlijke knipwerk. De beide schaarhelften bleven continue en constant doorgaan. Met de knip in het haar was het geluid even anders, over de zwarte kam werd het overtollige haar weg geknipt. Binnen de kortste tijd zag je er weer fris en geknipt uit.

Het donkere hout van het stoeltje verraadt, dat het al uit de oude kapperszaak afkomstig was van grootvader Warner Hemstede.  In de oude kapperszaak tot 1955, was alles donker, de kappersstoelen, gewone salonstoelen voor de wachtenden en het kinderstoeltje.

Mijn vader kreeg bij die overname van de zaak in 1955 rode kappersstoelen, die op alle manieren te verstellen waren en verder blankhouten meubelen. De oude salonstoelen werden nog gebruikt in de bijkeuken en op de slaapkamers. Het werden Poolse stoelen genoemd met een ronde zitting. De nieuwe blanke stoelen met metalen frame hadden een langwerpige zitting aan de voorkant met een ronding naar beneden. Met name de grote parfumeriekast met glazen schuifdeuren was een eyecatcher. Daarin shampoo, flessen van diverse soorten parfumerie en reukwater, ijswater, brillcream en veel andere producten voor de man. Op de tafel in de salon lagen naast de krant en bladen als Panorama, voor de jongeren de Donald Duck en het jeugdblad de Arend. Naast een grote doos met repen Kwatta-chocolade.

Vanaf mijn vierde jaar, toen ik na de zomer naar de school ging, kwam ik voor het eerst in het kappersstoeltje te zitten. Mijn lange pijpenkrullen gingen er af en ik moest vanaf die tijd een broek aan. Ik was klaar om naar de kleuterschool te gaan met kort geknipte coupe. Vanaf die tijd moest ik tijdens een groot deel van mijn lagere schooltijd iedere morgen even in de stoel. Netjes naar school betekende een zakdoek in de broekzak en vooral het haar in model. Netjes met brillcream zodat het lange tijd goed bleef zitten. Zo was ik een beetje het reclamebord van de kapper. Zeer tegen mijn zin overigens. Ik miste mijn lange krullen, werd voor mijn 1e kerst op de kleuterschool al verliefd op Marietje, die nog wel van die prachtige lange krullen had. Wanneer ik mijn ogen een beetje samenkneep, kon ik door haar haar naar de lichtjes in de kerstboom kijken en wist ik zeker, dat zij een engel was.

Zo ging ik met mijn vader mee naar kappersdagen. Ik was dan het model. Ik vond het altijd leuk om met mijn vader op stap te gaan, maar ik kwam regelmatig met de vreemdste modellen thuis.

Mijn vader was de eerste Hoogeveense kapper met een kappersdiploma van de kappersvakschool in Groningen. Hij bleef zich ook lange tijd inzetten voor nieuwe coupes en modellen, maar in de zestiger jaren kwam het lange haar in van de provo’s en nozems. Dat vond hij vreselijk. Hij heeft wel eens één van deze jongens naar de dameskapper gestuurd. Of gewoon weggestuurd omdat hij de luizebol niet wilde knippen. Het werk in de herenkapperszaak viel beslist niet mee, het barbierswerk viel na de oorlog bijna in het geheel weg. Met een agentschap voor kranten en folders werd niet alleen het gezinsinkomen aangevuld, maar verdween, mede door de drukte, tevens de animo om bij te blijven via kappersconcoursen.

Eigenlijk is het best spijtig dat deze kapperszaken bijna verdwenen zijn. Nu maak je een afspraak met een thuiskapper of bij de kapper in het dorp. In die tijd was de kapsalon een sociaal café. Er kwamen ook heren, om nieuws of nieuwtjes te brengen of te debatteren of anderen te ontmoeten en te spreken. Soms hoefden ze zelfs niet eens geknipt of geschoren te worden.

Ik zat daar graag bij; achter de Donald Duck verstopt luisterde ik naar al die verhalen en het nieuws. Zo kan ik me nog altijd de spanning herinneren van de Varkensbaai en de Cubacrisis, de hongersnood in Algiers en zoveel andere zaken en verhalen.

Dat deze vorm van sociaal café door de vooruitgang verdwenen is, is dan toch ook wel een verlies.

Gert Hemstede

Bennekom

Alle rechten voorbehouden